Mijn favoriete oude ziel werd 30

Ik begon koffie (met een wolkje melk) te drinken toen ik vier was, omdat ik dan bij de ‘grote mensen’ aan tafel kon zitten. Spelen met leeftijdsgenootjes interesseerde me weinig tot niet.

Mijn leraar Nederlands merkte in het zesde middelbaar laconiek op dat ‘vroegrijp’ zijn ook betekende dat ik ‘rot’ zou zijn voor ik het wist. En dat enkel omdat ik een beetje dweperig meldde dat ik De ondraaglijke lichtheid van het bestaan van Milan Kundera aan het lezen was.

Kortom, ik vertoef al heel mijn leven graag in het gezelschap van mensen die ouder zijn dan ik. Waarom? Dat kan ik moeilijk verklaren. Onlangs kreeg ik van een ‘oudere’ (of moet ik ‘intergenerationele’ schrijven) vriendin een artikel doorgestuurd van David Van Reybrouck, waarin hij het heeft over vriendschap over generaties heen. Volgens hem voedt de omgang met jongeren of ouderen ook onze emotionele intelligentie. Daarnaast zijn ouderen volgens hem gewoonweg al langer aan het prutsen en kunnen we uit dat prutsen ongelofelijk veel leren. Meer nog dan prutsen leer ik van mijn oudere vrienden over leven, liefde en werk. Maar ook over relativeren, loslaten en dat het allemaal wel zal passeren met tijd en boterhammen.

Ik heb het geluk om mijn leven te mogen delen met net zo’n oude ziel als ik.

We realiseerden ons voor het eerst dat we oude zielen zijn op onze allereerste reis samen. Niks avontuur, maar een echte bommatrip naar de Champagnestreek. We schuifelden vooruit aan het tempo van een rollator. Voor een mateloos persoon die houdt van wat tempo was dat best wat aanpassen.

Snel, nu en onmiddellijk stonden toen en staan nu nog steeds niet in zijn woordenboek. Hij overschouwt het leven en dankzij hem besefte ik dat trager soms een beter tempo is. Zo leerde hij me ondermeer dat je bij het lezen van de krant best achteraan begint: niets interessanter dan de opiniestukken. En een goeie spaghettisaus, dat duurt minstens drie dagen. Die vervolgens gulzig naar binnenschrokken is geen optie, want dan proef je de smaken en de liefde niet die erin zit.

Afgelopen dinsdag werd hij 30. EINDELIJK, zo vond hij. Hij vindt het een leeftijd die meer past bij zijn gemoed, vertelde hij onlangs. Stiekem liet hij ook zijn baard wat langer groeien.

Een groot feest geven was geen optie: te veel, te snel, te veel mensen om een goed gesprek mee te voeren. Daarom vierden we het in vier delen. Trager dus, maar daarom niet minder want eten en goeie gesprekken waren er in overvloed.

Oude liefde roest niet, zeggen ze. Dat geloof ik best. Maar dit weet ik zeker: oude zielen roesten samen.

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

BewarenBewaren

6 Comments

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *